Alle berichten in Van de predikant

8 september 2017

Kerkproeverij 10 september 9.00 uur

Zondag 10 september is een zondag om (weer) eens naar de kerk te gaan. Misschien na jaren, misschien voor het eerst. Wat proef je? Het is een zondag om je vrienden en bekenden mee te nemen naar de kerk.
Ook de GKV Ommen-West doet mee. De dienst van 9.00 uur staat in het teken van de kerkproeverij. Het is een dienst om te proeven wie we als gemeente zijn, hoe onze kerkdiensten zijn en vooral wie God is. Galaten 3:15-26 staat centraal: ‘Proef Gods welkom’. We zingen verschillende psalmen, zoals het meest geliefde kerklied ooit ‘De Heer is mijn herder’. Maar ook een gezang uit het nieuwe liedboek dat elk jaar in de top 2000 komt: ‘Morning has broken’/’Dit is een morgen als ooit de eerste’. Ook klinkt het bekende ‘Amazing grace’: ‘Genade zo oneindig groot’. En we sluiten af met ‘Ga met God en Hij zal met je zijn’.
De muzikale begeleiding wordt verzorgd door André Dunnewind (orgel en piano) Maritha van Dijk (saxofoon) en Elbregt Bijvank (bugel en zang).
10 september 9.00 uur in GKV Het Baken, Trompstraat 2 Ommen.
De liturgie is:

1 september 2017

Goed nieuws in verwarrende tijden

De vakanties zijn voorbij. Een nieuw seizoen begint. In de kerk is van alles in beweging. Verwarring ontstaat.
We lezen deze maand uit de brief waar Luther 500 jaar geleden ook uit las in de kerk, de brief van Paulus aan de Galaten. Goed nieuws in verwarrende tijden. Indertijd voor de Keltische christenen, later voor Luther, en vandaag voor ons. Wie waren deze ´Galaten´? Wat is er aan de hand in hun gemeenten? Welke weg wijst Paulus? Wat betekende het voor Luther? En vooral: wat betekent het voor ons? In de eerste preek, zondagmorgen 3 september gaan we in op deze vragen.

We beginnen de dienst met het oefenen van Gezang 1014 uit het nieuwe liedboek Geef vrede door van hand tot hand. Het Gezang is te beluisteren via deze link. Uit dit Gezang zullen we in september iedere zondag zingen.

De liturgie is:

 

 

7 juli 2017

Op reis: God leert afhankelijkheid

De zomer is een tijd om op reis te gaan. In deze tijd een aantal kerkdiensten waarin we de reis van het volk Israël vanuit Egypte door de woestijn volgen. Zondagmorgen 9 juli lezen we over de eerste etappes, van de Rode Zee door de Woestijn Sur via Mara naar Elim (Exodus 15:22-27). We zien wat God onderweg aan zijn volk geeft en wat hij van ze verlangt. Wat leren ze hiervan? En wat leren wij hiervan voor onze levensreis? Ook op je eigen levensreis kun je worstelen met wat God je geeft en wat hij je niet geeft. Het kan een ware woestijnreis zijn. Niet alleen wat God je geeft, ook wat hij van je verlangt kan strijd opleveren. Wat leren we van deze eerste etapes van Israëls woestijnreis.

De dienst wordt gehouden om 9.00 en 11.00 uur in GKV Het Baken, Trompstraat 2, Ommen. In de dienst van 11 uur is er voor de kinderen van de basisschoolleeftijd BijbelKING (nevendienst).

Het vervolg is zondagmorgen 30 juli. Dan gaat het over Exodus 16, over het brood uit de hemel.

De liturgie is:

1 juli 2017

Leerdienst ‘Doop en avondmaal, ook voor kinderen?’

Zondagavond in GKV Ommen-West een leerdienst over twee vragen: mogen de kinderen in de kerk gedoopt worden en mogen ze aan het avondmaal deelnemen? De overeenkomsten bij deze twee vragen zijn groot. Bij allebei zien we dat de bijbel geen rechtstreekse aanwijzing geeft. De argumenten voor en tegen komen vrijwel overeen. We kijken ook naar de verschillen tussen doop en avondmaal. Daarna maken we voor doop en avondmaal een bijbelse afweging of de kinderen mee mogen doen.

We combineren de behandeling van Zondag 27c over de kinderdoop, die op deze avondmaalszondag aan de beurt is, met Zondag 30b over de vraag wie het avondmaal mogen meevieren. De dienst begint met de voortzetting van de avondmaalsviering. We sluiten af met het nieuwe lied dat voor de morgendienst is gezongen ‘Wees Gij mijn toevlucht’.
De dienst wordt gehouden op 2 juli om 19.00 uur in GKV Het Baken, Trompstraat 2, Ommen.

De liturgie is:

29 juni 2017

Reizen onder een open hemel

In juli en augustus, maanden waarin veel gereisd wordt, een aantal preken over de reis van het volk Israël vanuit Egypte naar het beloofde land.Wat leren we voor onze (levens)reis? De eerste, op zondag 2 juli, gaat over de start van de reis. De tekst voor de preek is Exodus 12:42a ‘Die nacht waakte de Heer om hen uit Egypte weg te leiden’. Het thema is ‘Reizen onder een open hemel’.

In deze dienst wordt het avondmaal gevierd. Voor de kinderen is er vóór de preek een kindmoment. Voor de dienst zingen we een nieuw lied wat ook in de dienst terugkomt: ‘Wees Gij mijn toevlucht’, Gezang 263 uit het nieuwe liedboek. De melodie is vrij bekend, de tekst staat onder de liturgie. Om de cirkel rond te maken sluiten we de avonddienst af met dit lied.

De dienst wordt gehouden op 2 juli om 11.00 uur in GKV Het Baken, Trompstraat 2, Ommen. ’s Avonds om 19.00 uur is er een leerdienst over het thema ‘Doop en avondmaal, ook voor kinderen?’

16 april 2017

Pasen: de kracht van een hemelse boodschap (2)

Te mooi om waar te zijn, zeggen ze wel eens. Geldt dat ook voor Pasen? Iemand die opstaat uit een graf en weer leeft. Ja, Jezus die opstaat uit het graf en de dood heeft overwonnen. Spectaculair, maar is het waar? Kijk, dat Jezus geleefd heeft, dat staat wel vast. Daar waren vriend en vijand in die tijd van overtuigd. Daar kun je van alles overlezen van mensen uit die tijd. Dat hij gestorven is aan een kruis, daar is ook iedereen het wel over eens. Maar dat hij uit een graf is opgestaan, zou dat echt waar zijn?

Ik ga even terug naar wat wij lezen dat er op de vroege morgen gebeurde. Een engel haalde de steen weg en liet Jezus uit het graf. De celdeur ging open. God zei daarmee dat de straf voldaan was, uw, mijn straf. De aardbeving waarmee het gepaard gaat laat de wereld schudden van Gods ja, van Gods aanvaarding. Maar om Jezus er uit te laten was het weghalen van de steen niet beslist nodig. Toch moest de steen weg, want God wilde niet alleen Jezus er uit laten, maar hij wilde de mensen er in laten. Ik zei toen al er is nog een reden waarom het zo moest gebeuren. Toen we vanmiddag verder lazen zagen we dat de soldaten beefden van angst en als dood neervielen. Toen ze bijgekomen waren gingen enkelen naar de joodse leiders om alles te vertellen. De soldaten zullen Jezus er niet uit hebben zien gaan, maar ze hebben die engel zien komen en later gezien dat het graf open en leeg was. De conclusie is duidelijk. Door het zo te doen stuurt God ook een boodschap naar de joodse leiders, naar de mensen die zich het hardst verzetten tegen het geloof dat Jezus is opgestaan. Zij krijgen een boodschap waar ze niet om heen kunnen. Zullen ze nu in Jezus gaan geloven?

Ze kopen de soldaten om dat ze gaan zeggen: ‘Toen wij sliepen, zijn zijn leerlingen gekomen en hebben zijn lichaam weggehaald’ Een heleboel mensen in Jeruzalem zullen dit graag willen geloven en dus geloven ze het ook. Zo werkt dat. Maar als je eens nadenkt over dit verhaal dat verteld werd en lange tijd de ronde bleef doen… Toen wij sliepen…  Hoezo? Sliepen die soldaten tijdens zo’n politiek belangrijke bewaking? Allemaal? En zijn er dan geen maatregelen tegen hen genomen? Dat lijkt niet heel waarschijnlijk. En wat hoor ik ze nou zeggen: ‘Terwijl wij sliepen kwamen zijn leerlingen’. Heb je dat gezien? Je sliep toch? Deze leugen kan niet kloppen. Ze is al te doorzichtig. Door dit te vertellen bewijzen ze in feite dat ze de waarheid niet vertellen. De waarheid is een andere waarheid die de leiding onder de pet wil houden. Jezus is opgestaan. Hun leugen bewijst de waarheid.

God zet alles in om je te laten geloven in Jezus. Ook die soldaten die de engel bij het graf trof. Ook het avondmaal straks. Geloof het, je vindt het misschien moeilijk, maar het is de waarheid, ook voor jou.

Amen

De liturgie:

16 april 2017

Pasen: de kracht van een hemelse boodschap

  1. Terugblik: verzameld in veertig dagen

Mooi wat de kinderen in de veertigdagentijd bij elkaar gebracht hebben. Ook ik heb in de veertigdagentijd wat bij elkaar gebracht. Daar wil ik de preek van vanmiddag mee beginnen. Een korte terugblik op de veertigdagentijd, de voorbereidingstijd voor Pasen. Maar nu de veertigdagentijd voorbij is, wil ik het er vooral over hebben wat Pasen ons te bieden heeft. In twee punten, maar dat zien we straks wel.

Eerst even terugkijken wat we verzameld hebben. Toen we op weg gingen naar Pasen heb ik gezegd, laten we eens kijken wat Matteüs ons vertelt over wie Jezus is, waar hij op uit is en hoe hij mensen om zich heen verzamelt. Ik hoopte daarbij van alles te ontdekken hoe je gemeente van Jezus moet zijn. Wij vandaag hier in Ommen. Ik ga nu niet alles opnoemen wat ik gevonden heb. Velen van u hebben mijn preken er over gehoord. Ik heb mijn dagelijkse ontdekkingen en overdenkingen gedeeld via de website en Facebook.

Maar wat mij opviel is dat er al heel snel als Jezus optreedt en beweging van mensen om hem heen komt. Mensen, zo verlangt Jezus het, heel duidelijk bijvoorbeeld in de bergrede, die zich onderscheiden. Door rechtvaardig te zijn, last te hebben van onrecht, barmhartig zijn. Zo met elkaar zijn en zo in de wereld te staan. Ik merkte Jezus’ afkeer van huichelarij. Van heersen ook, de baas willen zijn, Jezus verlangt een dienende houding in de gemeente. Jezus voelde zich sterk verbonden met zijn eigen volksgenoten, maar als hij bij niet-joden een sterk geloof voelde, dan raakte hem dat heel erg. Jezus verlangt dat je voor hem kiest en met hem samenbrengt.

Zo lijkt er iets moois te gaan groeien, totdat Jezus er over begint dat hij moet lijden en sterven. De joodse leiders proberen hem op een onrechtvaardige manier ter dood veroordeeld te krijgen. Zijn trouwe leerlingen, Jezus en zij worden vreemden voor elkaar. Ze vluchten weg, verraden en verloochenen hem. Helemaal alleen wordt hij bespot, aan een kruis gehangen. Al die mooie dingen waar hij naar verlangde, het koninkrijk van God, het is verder weg dan ooit. En dan, aan het kruis roept hij: Mijn God, waarom hebt u mij verlaten. Hij sterft en wordt begraven. En dan die mensen om hem heen, wat zo’n mooie gemeenschap had kunnen worden, er komt niks van terecht.

Dat is wat ik de afgelopen tijd vond in dat levensverhaal wat Matteüs schreef. En is dat ook niet wat je om je heen ziet. Afgelopen zondag, de palmzondag, toen wij hier in de kerk het lijdensevangelie lazen, werden in Egypte koptische –christelijke- kerken aangevallen. Maar ook hier lijkt het dat de kerk zijn tijd gehad heeft. En mensen die nog wel naar de kerk gaan, raken elkaar kwijt. Als ik alleen maar in onze gemeente kijk: de één gaat liefst naar de VEZ in Zwolle, een ander zou liefst naar de DGK in Mariënberg gaan. Als het nou in de kerk allemaal op niets uitloopt, laat God dat dan allemaal maar gebeuren? Wat gebeurde er met Pasen? Wat heeft Pasen ons te bieden? We zijn gekomen om dat te horen.

  1. Wat heeft Pasen ons te bieden?

Wat er precies gebeurde op Pasen heeft volgens mij niemand gezien. Maar wat iedereen in de buurt kon voelen was een aardbeving. Een aardbeving… dan denk je aan iets wat rommelt in de aarde waardoor de hele aarde trilt. Groningen. Maar deze aardbeving is anders. ‘Plotseling begon de aarde hevig te beven, want een engel van de Heer daalde af uit de hemel.’ Deze aardbeving kwam niet uit de aarde maar uit de hemel. De hemel laat de aarde bewegen. De hemel heeft de aarde iets te zeggen. De hemel laat een kracht los op aarde.

Wat voor kracht? Hebben wij er iets aan? Als ook wij in de kerk wel eens het gevoel hebben dat het op niets uitloopt? Wat heeft de hemel ons te zeggen met die aardbeving. Ik wil twee dingen noemen en vanmiddag nog een derde.

2.1 Gods ‘Ja’

Laten we maar eens zien wat die engel met zijn donderende geweld doet. Hij loopt naar het graf van Jezus en rolt de steen weg. Wat er op dat moment gebeurt, je kunt het een beetje vergelijken met een gevangenis. Jezus, die in dat donkere graf was, vergelijk het maar met een gevangeniscel. Want net als in de gevangenis… Jezus was daar omdat hij een straf droeg. Niet de straf die hij zelf verdiende. Hij heeft nooit iets verkeerds gedaan. Zijn doodstraf was totaal onverdiend. Heel onrechtvaardig. Maar hij zit daar in die donkere cel, in de dood van het graf om de straf die u en ik verdienen. Daarvoor is hij gestorven. Stel je voor, je zit in de gevangenis en eindelijk is het zo ver dat je je straf uitgezeten hebt. Dan gaat de celdeur open, dan mag je de vrijheid weer in, dan heb je het allemaal volbracht. Ik weet wel, het leven na de gevangenis heeft zijn eigen problemen, maar daar gaat het nu niet om. De celdeur gaat open, je hebt je straf volbracht, je bent vrij. Dat is wat er bij dat graf gebeurt. Een engel uit de hemel –iedereen voelt de aarde er bij schudden- opent het graf waar in Jezus gevangen zit. De hemel zegt tegen hem: je bent vrij. Vrijdagmiddag, voordat hij stierf riep hij ‘Het is volbracht’. En nu zegt God uit de hemel, het is volbracht. Die open celdeur is een boodschap aan Jezus. Maar dan moet je bedenken dat hij in dat graf gevangen zat om uw zonden. Die boodschap aan Jezus –het is genoeg geweest- is ook een boodschap aan u. Jouw straf is gedragen, volbracht. Het is de boodschap dat God je aanvaardt. Gods ‘ja’. Misschien heb je net als zijn leerlingen Jezus in de steek gelaten, is hij een vreemde voor je geworden. Misschien heb je ook wel die neiging waar Jezus onder geleden heeft dat je de baas wilt zijn over anderen in plaats van te dienen. Misschien heb je ook wel dat je mooie woorden gebruikt om jouw slechte daden achter te verschuilen. Of nog heel wat anders. God zegt tegen je dat je daar geen straf voor hoeft te dragen. Maar met die aardbeving wil God je laten voelen dat hij ‘ja’ zegt tegen Jezus en tegen jou. Je mag er bij horen, bij hem. God gunt je vergeving en leven na de dood. Daar mag je zeker van zijn, dat is het eerste wat Pasen ons te bieden heeft.

2.2. Gods uitnodiging

En nog iets. Ja, ik zou immers twee dingen noemen. Het is Gods ‘ja’ tegen Jezus en ook tegen jou als je bij Jezus wilt horen. Maar God wil er nog meer mee zeggen. Want om Jezus uit het graf te laten komen… God had dat ook wel kunnen doen zonder die steen weg te rollen. Later diezelfde dag gaat Jezus ergens door een dichte deur naar binnen. Maar God wil het juist zo doen, dat dat graf daar heel zichtbaar open staat. En dan zit die engel ernaast. Niet ervoor maar ernaast. Je kunt zo naar binnen lopen. Ja de engel zit daar uitnodigend. Het is het uitnodigende van Jesaja 55: Kom! Zoek de Heer nu hij zich lat vinden. De steen verdween om Jezus er uit te laten én om de mensen er in te laten. Waarom? Omdat God weet dat het moeilijk is om te geloven dat Jezus is opgestaan. Omdat God weet dat je het moeilijk kunt vinden om te geloven dat je door hem helemaal geaccepteerd bent, en dat hij al je zonde wil vergeven. Je kunt soms zo twijfelen. Maar God had geduld met die eerste twijfelaars. Ieder worstelt met zijn eigen onbegrip, angst en teleurstelling. De één rent snel vooruit, een ander blijft nog ronddwalen. Maar ze zijn allemaal welkom in het graf. Kijk maar eens goed rond. Zie dat Jezus er niet is. En kom in alle rust, in de tijd dat God geduld met je heeft tot geloof. Hier in de kerk ben je welkom met je enthousiasme, je ontgoocheling, met je moeiten en je vragen.

Ook dat is Gods boodschap, hij nodigt uit. Ook u, ook jou. Ik vraag u, ik vraag je: Doe je mee? Ga je door Jezus’ kracht het gevecht aan tegen je twijfels en teleurstellingen? Aanvaardt je die ander, ook die minder ver is dan jij, of die juist veel verder is en bij wie je denkt ‘dat is niks voor mij om bij zulke mensen te horen’? God zegt ‘ja’ ik aanvaard je, hij zegt ‘kom’ ik nodig je uit. Blijf niet in je twijfel, blijf niet op een afstand, komt bij mij. Door die kracht ontstaat een nieuwe gemeente en in die kracht kunnen we vandaag verder, ondanks tegenslagen. De kracht van Gods ‘ja’ en Gods uitnodiging is sterker.

Misschien denkt u ‘dat zeg je nou allemaal wel, maar hoe kan ik zeker weten dat dit echt gebeurd is’. ‘Waarom zou ik het geloven?’ Daar kan ik nog wel meer over zeggen, maar dan moet je vanmiddag terugkomen. Nu houdt ik het er bij dat de kracht van de kerk is dat God mensen als u als jou aanvaard en vergeeft, ‘ja’ tegen je zegt en je uitnodig om ondanks al je zwakheid en twijfel in Jezus te geloven.

Amen

De liturgie:

15 april 2017

Het lijden voorbij en toch niet

Vandaag lees ik het slot van Matteüs 27, vers 62-66. Jezus’ lijden is voorbij. Hij is begraven. Maar zijn tegenstanders zijn nog niet klaar. Ze maken zich nu sterk tegen Jezus’ leerlingen. Alles moet ingezet worden om het geloof tegen te gaan in de opstanding van Jezus: zegels, soldaten. En ze krijgen het ook nog voor elkaar.

Uiteindelijk kunnen ze niet voorkomen dat Jezus opstaat uit het graf en dat dit in heel de wereld geloofd wordt. Maar ik merk hier wel dat met het einde van Jezus’ lijden de vijandigheid zich direct tegen zijn volgelingen keert. Bij de stilte van Jezus’ graf denk ik aan al die leerlingen van Jezus die om hun geloof moesten lijden.

Maar vooral wil ik denken aan de Heer die zijn lijden volbracht heeft en rust mag vinden.

 

Morgenochtend preek ik over Matteüs 28:2, over de steen die voor het graf weggerold wordt, morgenmiddag het vervolg op de overdenking van vandaag: Matteüs 28:4 en 11-15.

14 april 2017

Jezus’ lijden, door God verlaten

Elke morgen, deze veertig dagen, las ik een stukje uit het evangelie, mediteerde en schreef ik er over. Vanmorgen doe ik het ook. Maar wat moet ik schrijven? Ik las in Matteüs 27:45-46 dat Jezus riep ‘Mijn God, waarom hebt u mij verlaten?’ Kan ik daar iets van begrijpen?

Ik weet niet wat het is om als mens door God verlaten te zijn. Ik heb gelovigen meegemaakt die, soms langer, soms korter, het gevoel hadden dat God hen verlaten had. In de gesprekken er over kon ook mij een zwart gevoel van machteloosheid overvallen. Door God verlaten…

Maar wat ik vanmorgen lees is anders. Jezus, Gods eigen Zoon, die zelf God is. Door God verlaten… Dit moet heel diep gegaan zijn.

Na twee weken over allerlei kanten van Jezus’ lijden besef ik vanmorgen dat het veel groter, veel dieper was dan alles wat ik er over kan zeggen. Dat maakt mij klein. Stil richt ik mij tot Jezus en ik dank hem.

 

Morgen stille zaterdag. Wat gebeurde er toen Jezus in het graf lag? Matteüs 27:62-66

13 april 2017

Jezus’ lijden om te delen

Vanmorgen richt ik in stilte mijn aandacht op de laatste gebaren van Jezus die ik ken. Het gebaar waarmee hij een brood in stukken scheurt en uitdeelt. Het gebaar waarmee hij een beker wijn rondgeeft (Matteüs 26:26-30). Gebaren die zoveel zeggingskracht hebben dat Jezus’ volgelingen het eindeloos blijven herhalen.

Ik hoef er niet veel over te schrijven. De beide gebaren zijn zo duidelijk. Uitdelen is de taal waar ze van spreken. Dat was Jezus’ leven, maar vooral: dat was zijn sterven.

Enkele woorden spreekt Jezus er bij. Over vergeving, over God die zondaren aanvaardt. En over het komende koninkrijk. Daar kwam hij voor en daar stierf hij voor. Dát deelt hij uit.

Pak aan, eet en drink…

 

Morgen, goede vrijdag lees ik Matteüs 27:45-46: Jezus leed, door God verlaten